Maandelijks archief: januari 2015

moeders mooiste Moederdag (geluksdagboek – dag 4)

Zaterdagmorgen. De aanhangwagen vol tuinaarde leegscheppen. Er komt een warme damp uit de hoop aarde die mijn handen kust en ruikt naar koeienmest. Dat is een geur met fijne associaties van zomer, vakantie en grootouderlijke boerderij. En dat ondanks opkomende misselijkheid.

zelfgemaakte moederdagcadeaus

Zondagmorgen. De blijdschap van de kinderen over moederdag, over de cadeautjes die ze met veel liefde op school hebben geknutseld, met maar een beetje hulp – echt waar – van de juf. Dat is het wel zo’n beetje. Mijn tegenstribbelende lijf leefde mij. Ikzelf was er nauwelijks bij. Helaas.

dampende tuinaarde

[Een geluksdagboek bijhouden was huiswerk voor de mbsr/mindfulness-training, die ik afgelopen voorjaar volgde.]

Regenboog met Theedampen (geluksdagboek – dag 3)

Tegelijk met de vervroegde herintreding van de herfst(depressie) schoot ook de stress er vrijdag flink in door allerlei vervelende administratieve klussen, de belastingaangifte en werkstrubbelingen. Ik werd geleefd en iedere vorm van geluk was ver te zoeken.

GeluksregenboogIn de loop van de dag maakte ik mij dan ook zorgen over het geluksmoment. Zo kon ik mijn huiswerk – schrijf een week lang iedere dag je geluksmoment op – natuurlijk niet maken. Pas ’s avonds besprong het geluk – in de vorm van een klein, maar daardoor niet minder waardevol moment – me dan toch nog onverwachts.

De jongens lagen net op bed. Ik kwam langs voor de avondkus en het traditionele gordijnensluiten. En daar was ‘ie: een schitterende regenboog. Helemaal vol en rond met een pot goud ófwel zo ongeveer bij de supermarkt, ófwel in het park. Tja, op de foto stelt het niets voor, maar je had hem in het echt moeten zien!

Snel de jongens uit bed en op de vensterbank gezet. Twee van die warme en al slaperige lichaampjes drukken tegen mij aan en kijken hun ogen uit. Vol verbazing. ‘Paars… geel, nee oranje. Rood…’ Zo staan we een hele tijd op de grens van zon en regen, van donker en kleurig licht.

Even later geniet ik in alle rust van een kop thee. Diezelfde lage zon die voor die mooie regenboog zorgde, schijnt nu door de hete damp die lijzig uit mijn kopje omhoog kringelt. Plotseling voel ik hoe de spanning door mijn lijf giert en hoe die nu langzaam, o zo langzaam, begint weg te ebben.

Waarom heb ik overdag niet af en toe drie minuten de tijd genomen om thee te drinken? Écht thee te drinken?

[Een geluksdagboek bijhouden was huiswerk voor de mbsr/mindfulness-training, die ik afgelopen voorjaar volgde.]

Kastje kijken in de kast | tip voor écht vrije tijd

Televisiekijken in de kastVandaag precies een halfjaar geleden is onze televisie verhuisd van de woonkamer naar de kledingkast.

Vroeger was een huisaltaar heel normaal, net als in veel andere culturen nu. Een centrale plaats in huis met een beeld, kaars, wierook, of bloemen. Een plek voor bezinning en rust.

Ook de westerse mens – vermeend hoogtepunt van sociale, economische en intellectuele evolutie – heeft een altaar. Prominent aanwezig. Hoe groter hoe beter. Breedbeeld en HD.

Altaar voor een dwingeland

Onze heer Televisie
U geniet de hoogste prioriteit
U staat altijd aan, volume op tien
Belangrijker dan een goed gesprek of quality time

Geef ons heden ons dagelijkse portie commercials
En leidt ons van sitcom tot cliffhanger
Opdat wij blijven kijken, want aan u behoort onze vrije tijd
Al onze vrije tijd, tot in eeuwigheid

Op de bank neerploffen voor het altaar, afstandsbediening in de hand, is zo uitnodigend, zo verleidelijk, zo gemakkelijk.

Zo dwingend.

Uit zelfbescherming staat onze televisie nu al een halfjaar in de kledingkast op de eerste verdieping. We kijken nog steeds televisie. Niet meer als automatisme, maar als een bewuste keuze.

We kijken wel veel minder en nemen meer tijd voor onszelf, voor elkaar. ’s Avonds in alle rust, de kinderen op bed, genieten we samen van een kopje thee. Of – heel radicaal – we praten gewoon met elkaar, zonder dat onze ogen en aandacht aan dat vermaledijde verlokkelijke altaar vastgekleefd zitten.

Experiment geslaagd. We kunnen het iedereen aanraden. Kastje kijken in de kast.

De televisie naar de kast verbannen, gaat dat je te ver? Leg dan, als tussenvorm, de afstandsbediening eens een in de keukenla. Dan moet je eerst naar de keuken lopen voordat je televisie kunt kijken. Grotere kans dat je bewust besluit om televisie te kijken.

Of om dat niet te doen en te genieten van vrije tijd, écht vrije tijd.

televisiekijken in de kast

 

 

 

 

Landlopers | eeuwige Regen | feuilleton, deel 5

Op 1 juni 1998 vertrok ik samen met Cathelijne en onze herdershond Jonas voor een voettocht van ruim vierduizend kilometer naar Santiago de Compostela en verder. Hierover schreef ik het boek ‘Landlopers – een voettocht met blaren, onrust en tortilla’. Deel 4 verscheen in december.

Onderweg in het Groene HartIn de middag van zes juni 1998 knapt het weer op na een stevig noodweer en glibberen we langs molens over modderige dijken. Een zeldzame zonnestraal komt achter de wolken vandaan en voor het eerst tijdens onze tocht is het aangenaam warm. Net voordat we bij een camping aankomen, vliegt er een ooievaar over. Hij strijkt neer op een paal verderop in een weiland, met op de top een nest ooievaarskuikens. In één klap is de wereld zoveel mooier.

Een kudde schapen beschermt het terrein van de Toeristen Kampeer Club. Jonas wordt zo opgewonden dat hij bijna niet te houden is. De camping is voor échte kampeerders. Kampeerders die niets van bungalowtenten – laat staan caravans – willen weten. Het washok is niet meer dan een houten keet met een wc-pot en een koudwaterkraantje. Elektriciteit ontbreekt en felle tentkleuren zijn ongewenst. Gelukkig is onze tent kampeerclubgoedgekeurddonkergroen.

Vroeg in de morgen pakken we de tent drijfnat in en vervolgen onze weg richting Haastrecht, een kleine stad, maar wel met het genezende beeld van Maria van Haastrecht. Net als in Amsterdam was hier na de Reformatie openlijke aanbidding van relieken verboden. Een moeilijke tijd voor de katholieken, maar gelukkig was de oplossing snel gevonden: Maria bezocht de zieken verborgen in een koffertje. Zo kon ze toch haar troostende en genezende werk verrichten. Vanwege haar reizende bestaan heet ze Maria ter Weghe.

Op zeven juni vinden we net buiten Schoonhoven een camping. In plaats van een begroeting door schapen worden we nu vanachter tuttige vitrages aangestaard door mensen die alle weekenden in hun caravan doorbrengen. In het washok, hel verlicht door tl-buizen, blinkt een batterij toilethokjes in chloorlucht. Kinderen rennen rond in de speeltuin en ouders houden toezicht vanaf het campingterras, bier en bitterbal binnen handbereik.

Onderweg in het Groene HartOnze plek grenst aan de lager gelegen en wildbegroeide uiterwaarden van de Lek. Een woest en ledig gebied. Jonas rent met rietpluimen in zijn bek als een idioot in het rond. Deze vergeten rest wilde natuur is het enige wat we leuk vinden aan de camping hier. Helaas betalen we flink voor alle overbodige luxe.

De campingbaas doet ’s avonds zijn ronde om zwartkampeerders te spotten. ‘Jullie zijn niet de enige Santiagogangers die hier overnachten’, zegt hij. ‘Regelmatig passeren hier pelgrims te voet of te fiets, allemaal herkenbaar aan hun Jacobusschelp.’

Net als de middeleeuwse pelgrims hebben wij een schelp aan onze rugzak hangen, als herkenningsteken en als voortzetting van een eeuwenoude traditie. In de bloeitijd van de Santiagobedevaart zochten pelgrims aan het strand van Finisterrae, het einde van wereld, een Jacubusschelp en naaiden die op hun kleding. Bewijs dat ze Santiago hadden bereikt. De schelp is vergelijkbaar met de palmtak die Jeruzalemgangers meenamen van hun toch naar het Beloofde Land.

Finisterrae ligt honderd kilometer ten westen van Santiago en is de meest westelijk gelegen landpunt van het Europese continent. Dit einde van de wereld was een Romeins en daarvóór vermoedelijk een Keltisch heiligdom. Pas honderden jaren daarna zette Jacobus volgens de legendes voet op het Iberisch schiereiland. Tegenwoordig dragen pelgrims de schelp al op de heenweg. Die van ons kochten we bij de visboer op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam.

Een welverdiende rustdag in het Groene Hart

Je kunt hier een gedrukte versie van Landlopers bestellen.

Landlopers0 Cover

bodyscan met Buddy (geluksdagboek – dag 2)

Mijn vrouw past beneden op ons uitziekende zoontje. Ik installeer me in de ‘lijkhouding’ op mijn matje voor het huiswerk van deze week, de bodyscan. Terwijl ik door mijn lichaam reis, hoor ik beneden geluiden van huis en huishouden. De wc die doorspoelt, het koffiezetapparaat dat grommend een handje bonen maalt. Huilen en even later weer lachen.

geluksdagboekOnderweg in m’n linkerbeen ontspant mijn lijf zich beetje bij beetje. Voor het eerst voel ik zowel mijn grote teen, kleine teen, de middelste drie tenen en zelfs de ruimte tússen m’n tenen.

Dan gaat het mis. Onderweg van rechterknie naar dijbeen hoor ik trippels op de trap. Ik voel hoe spanning mij besluipt en zich geniepig in mijn schouders nestelt. Even later gaat inderdaad de deur open en stapt m’n zoontje binnen.

Hij stoort! Waarom heeft m’n vrouw niet opgelet? Mijn keel voelt dik en een doffe hoofdpijn is waar eerst ontspanning was. Krampachtig concentreer ik me op mijn lijf. M’n zoontje is er nog steeds.

Ik ga al bijna zitten om boos te zeggen: ‘Ga naar mama!’ Maar ik zeg het niet. Voor het eerst in dagen straalt zijn gezicht. ‘Doe jij oefenen?’ vraagt hij, terwijl hij met een dekentje in zijn hand en een ondeugende fonkeling in z’n ogen naar me toe loopt.

Hij installeert zich uitvoerig met een plotseling serieus-serene blik. Doet hij mij na? ‘Luister maar naar de meneer, en haal diep adem,’ fluister ik terwijl hij naast me gaat liggen met dat heerlijke driejarige lijf.

Hij glimlacht en trekt de deken over zich heen, wiebelt en frunnikt een paar ademteugen, zucht behaaglijk en ligt dan stil. Volkomen stil. Alleen zijn adem is nog over, zijn ademhaling die wel vijf keer in de mijne past.

Alle irritatie is weg en met iedere uitademing zak ik dieper in mijn matje. Zo reizen we samen via buik, armen en hoofd naar puur geluk.

geluksdagboek

[Een geluksdagboek bijhouden was huiswerk voor de mbsr/mindfulness-training, die ik afgelopen voorjaar volgde.]

zitten als je zit…

… zo eenvoudig is het.

Zijn vrienden vroegen hem: Hoe kun je toch altijd zo rustig en gelukkig zijn, ondanks je vele bezigheden? De man keek zijn vrienden aan. Het zit zo, zei de man:

Als ik zit, dan zit ik.
Als ik sta, dan sta ik.
Als ik loop, dan loop ik.
En als ik eet, dan eet ik.

zitten als je zit, zo eenvoudig is het

Zijn vrienden keken hem ongeduldig aan: maar dat doen wij toch ook! De man glimlachte en herhaalde:

Als ik zit, dan zit ik.
Als ik sta, dan sta ik.
Als ik loop, dan loop ik.
En als ik eet, dan eet ik.

Weer vielen zijn vrienden hem in de rede. Dat doen wij ook! Dat doen wij ook!
Nee, zei de man. Hij keek zijn vrienden aan met een geduldige glimlach en zei:

Als jullie zitten, dan staan jullie al.
Als jullie staan, dan lopen jullie al.
En als jullie lopen, dan zijn jullie er al.

Dit verhaal doet in ontelbaar veel vormen de ronde en wordt vaak toegeschreven aan een Zen-monnik. Dit is mijn variant. De foto is een uitsnede van een foto van Moyan Brenn.